Terug naar overzicht

Terugblik op...het British Race Festival

Race verslag

Breaking news: Alvis is alive!

Door: Rob Spierenburg.
Foto's: Rob Spierenburg en Joan Reinder Folmer

In heel wat Engelse televisieseries waarin een politie-inspecteur de hoofdrol speelt, wordt stiekem de schijnwerper gezet op de ooit vermaarde Britse automobielindustrie. Zo was inspecteur Morse onlosmakelijk verbonden met zijn kastanjebruine Jaguar Mark II uit 1966.

Bergerac reed in een prachtige Triumph Roadster uit 1947. Inspecteur Linley verplaatste zich in een zeldzame Bristol 410. Van het niet alledaagse model werden slechts 82 exemplaren gebouwd. In 2009 werden de kijkers van de advocatenserie Kingdom getrakteerd op een ander mooi voorbeeld van vergane Engelse glorie: de Alvis TE 21. De prachtige sedan voorzag aan het einde van de jaren zestig van de vorige eeuw de Engelse wegen van klasse. De TE 21 doet sterk denken aan de legendarische Franse Facel Vega HK 500.

Dat Alvis bij de verzamelaars nog altijd leeft, bleek op het British Race Festival dat het afgelopen weekeinde op Circuitpark Zandvoort plaatsvond. De Dutch Vintage Sports Car Club had zijn megagarage van tentdoek opgeslagen op het binnenterrein van de Tarzanbocht. Het water dat uit de monden liep van de mensen die het moois bekeken, won het qua liters met gemak van de olie die de ‘incontinente’ schitterende vierwielers op het asfalt morsten.

Alle eigenaren van de diverse Alvissen die zich op Zandvoort hadden verzameld, waren het over één ding eens: het illustere merk is ten onder gegaan aan het bieden van teveel kwaliteit voor een te lage prijs. De autodivisie van het merk dat in 1965 werd verkocht aan Rover, heeft vanaf de start in 1920 uitsluitend met verlies gedraaid. Dat Alvis hoogwaardige automobielen produceerde is ook in 2015 zonneklaar. De degelijkheid van de oldtimers die op het circuit van Zandvoort in actie kwamen droop er vanaf.

,,Alvis is ten onder gegaan aan zijn eigen perfectie’’, zegt Tim Willems uit Schijndel. Zijn bloedrode 4.3 Special stamt uit 1937. Dat wil zeggen; de motor, het mechaniek en het chassis. De carrosserie werd in de jaren vijftig vervaardigd door een gepassioneerd liefhebber van het merk. Vanaf het moment dat de Brit klaar was met zijn megaklus is hij met de zes cilinder 4.3 Special gaan racen.

In 2000 kwam Willems (51) in het bezit van de bijzondere Alvis. De antieke vierwieler wordt tijdens wedstrijden niet bepaald gespaard door de Brabander. ,,Als ik in historische races uitkom, ga ik altijd voluit.’’ Zonder gordels en zonder rolkooi blijkt dat een riskante bezigheid. ,,Ik heb in de loop der jaren al heel wat collega’s verloren’’, erkent Willems. ,,Als je na een aanrijding of een slip gaat rollen, ben je de pineut.’’

De vriendin van Willems heeft zich lang geleden neergelegd bij de bloedlinke passie van haar wederhelft. ,,Wel heeft zij mij verboden ooit nog te racen op het stratencircuit van Angoulême in Frankrijk. Dat is eerlijk gezegd ook wel een beetje te link.’’ Dan stuurt Willems zijn rode Alvis het Zandvoortse asfalt op. Het betreft een demo, dus gevaarlijke rondjes zullen er niet van komen. Al weet je het natuurlijk nooit met een brok techniek van bijna 80 jaar oud.

Het is niet louter Engels dat onder de tentdoeken parkeergarage staat opgesteld. Bugatti’s, Lagonda’s en Alfa Romeo’s lonken er ongeremd op los. Notoire autoverzamelaars die tussen het moois door schuifelen voelen hun portefeuilles branden in hun zakken. Een enkele auto toont zijn klasse ingetogen. Zoals de Franse Salmson GS8 Grand Prix van Siebo Brinkerink.

Ook achter dit merk dat in 1954 ophield te bestaan, gaat een geweldige historie schuil. Richtten vele autofabrikanten zich in de oorlogsjaren op de productie van vliegtuigmotoren; bij Salmson deden ze het omgekeerde. Na de eerste wereldoorlog paste de Franse firma hun vliegtuigmotorentechnologie toe in hun eerste krachtbronnen voor het nieuwe project: de automobiel.

,,Welbeschouwd is deze 1100 cc motor uit 1928 een kwart gedeelte van een Salmson vliegtuigmotor’’, zegt Heerhugowaarder Brinkerink. Dat Salmson in het interbellum de krachten mat met landgenoten Amilcar en Bugatti is duidelijk te zien. Van beide legendarische merken heeft de Salmson wel wat weg. Het exemplaar uit 1928 is nagenoeg origineel. Zelfs het zwarte linnen waarmee de puntige kont van de racer is bekleed, komt uit het jaar waarin de GS8 werd gebouwd. Voor het essenhouten frame geldt hetzelfde. De spatborden rond de ranke wielen zijn nieuw en hoogstpersoonlijk ontworpen door eigenaar Brinkerink. ,,Zonder spatborden en richtingaanwijzers mag ik er in Nederland niet mee op de openbare weg. Ik heb ze in Engeland laten maken. Door een vakman. Dus met het handje.’’

Net als Tim Willems zou Chris de Groot graag in een Alvis aan historische races deelnemen. Vandaar dat hij een zoektocht startte naar een goed chassis. Mits mechanisch oké zou de aankoop worden voorzien van een mooie carrosserie en planken met dat ding. Een kleine advertentie deed hem in Engeland belanden. Iemand bood een Alvis Silver Eagle SG Saloon te koop aan.

Die iemand bleek een 82 jaar oude man. Wat volgde was geen verkooppraatje van het heerschap maar een puur sollicitatiegesprek. ,,Het hemd werd van mijn lijf gevraagd’’, lacht De Groot over zijn uitstapje naar de overkant van het Kanaal. ,,Of ik getrouwd was. Hoe ik in de regel met een auto omging.’’ Al tijdens het gesprek besliste de Utrechter dat deze Alvis onmogelijk kon worden omgebouwd tot racer. Daar was het verhaal van de statige zwarte gemotoriseerde koets te indrukwekkend voor.

De Silver Eagle werd in 1936 aangeschaft door een directrice van een kostschool. Deze mevrouw Parker telde 598 Engelse ponden neer voor de nagelnieuwe Alvis. Ze heeft er zich tot 1963 in laten rijden. Na een tienjarig verblijf in de Verenigde Staten kwam de wagen in handen van de Engelsman die hem 42 jaar later te koop zette.

Nadat Chris de Groot ongeschonden door het sollicitatiegesprek was gekomen, mocht hij zich eigenaar noemen van het 1500 kilogram wegende Engelse kunstwerk op wielen. De paar butsen in een spatbord en in een portier nam hij niet alleen voor lief; hij koestert de oneffenheden. Dit is een auto die heeft geleefd.’’

Vanwege het enorme respect dat Chris de Groot voelt voor zijn statige zwarte  Alvis, is zijn oude probleem nog altijd niet opgelost: hij wil historisch racen in een Alvis. Zijn zoektocht naar een geschikt chassis zet hij dan ook onverminderd voort.

Sponsors